Op bezoek bij Fusti

De kenner ziet meteen dat dit een Tjif Tjaf is.

Eind juni 2007 was ik op bezoek bij Philippe, bij vogelaars beter bekend als Fusti. Sinds 1979 ringt hij dagelijks vogels in zijn tuin in De Haan bij Oostende. Gemiddeld ringt hij ruim 1500 vogels per jaar. Hij vangt ze meestal in mistnetten die rondom in zijn tuin staan. Iedere twee uur controleert hij de netten. Het is een totaal andere manier van vogelen dan wanneer de vogels vrij rondvliegen. Daar herken ik ze niet alleen aan hun uiterlijk, maar ook bijvoorbeeld aan hun gedrag en zang. Een fitis en een tjiftjaf lijken erg op elkaar, de zang is echter onmiskenbaar verschillend. Gevangen in een net zingen ze niet en zijn die twee voor mij een KBVtje (Klein Bruin Vogeltje). Philippe kijkt even naar de maat van de vleugelveren en ziet dan meteen wat het is: adult, juveniel, man, vrouw; hij weet het precies.

Verschil van de handpennen van tjiftjaf en fitis. Het is maar een weet!

Philippe noteert alle bijzonderheden, datum, soortgegevens, vleugelmaat etc. waarna het diertje de vrijheid terugkrijgt. Alle gegevens zijn openbaar en ringers staan voortdurend met elkaar in contact, ook internationaal. Interessant wordt het natuurlijk pas als geringde vogels elders in de wereld teruggevangen worden. Pas sinds het systematisch ringen weten we welke enorme afstanden de vogels tijdens de trek afleggen. Maar ook door de ring-statistieken weten we bijvoorbeeld dat vogels in het voorjaar een andere route nemen dan in de herfst. Bij Philippe komen er in de herfst veel meer vogels langs dan in het voorjaar, maar dat verschilt ook weer per soort.
                

Een jonge Winterkoning wordt uit het net gehaald.

                

De vogel wordt geringd en opgemeten

                  

 

Alle bijzonderheden worden genoteerd.

 

Ringen is een heel speciale manier van vogelen. Veldwaarnemen en ringen vullen elkaar aan als het gaat om conclusies en interpretaties van bijzonderheden binnen de soorten. Een vogelaar met een kijker of telescoop gaat er op uit als hij zin heeft, een ringer moet iedere dag systematisch te werk gaan, moet iedere paar uur de netten controleren en nooit vergeten alles te noteren. Alle gegevens moeten voortdurend bijgehouden worden, anders heeft het ringen geen zin en pas dan krijg je na jaren werk een betrouwbaar overzicht.

Ik heb veel geleerd die middag bij Fusti en heb ook gezien dat zijn hobby een zeer serieuze zaak is waar heel veel tijd in gaat zitten.

 

 

 

 

Voorbeeld van een trekkurve van alle vogels. Van iedere soort zijn ook afzonderlijke kurves.
 


(Overgenomen uit: Vogelringwerk van het koninklijk instituut voor natuurwetenschappen.

Werkgroep nr. 15. 3e uitgave.)