WERKWEEK 2009
   Het was heel spannend wat het weer zou gaan doen. Eind juni was het prachtig, veel zon en erg warm, zodat de rotsen in Sotetorp droog waren. Het weer sloeg echter om en de verwachtingen voor week 30 werden niet beter. De traditionele welkomstmaaltijd met zoutzoetzure haring op zaterdagavond moest dus binnen gehouden worden. Het bezoek aan de rots in Kalleby was redelijk droog maar toen we zondagmiddag kennis maakten met de ingeschilderde rotsen van Tanum moesten we bij Fossum de auto’s invluchten voor een geweldige hoosbui.

Daarna klaarde het weer op zodat we ’s avonds met de groepen naar de eigen rots konden gaan om die met strijklicht te onderzoeken.
We besloten, ondanks de druipende rotsen, toch te proberen om in Sotetorp te gaan werken. Mijn groep bestond uit 3 Denen, een Duitser en ik, zodat we Europees moesten communiceren. We kregen T 362 toegewezen, de laatste rots in de reeks van Sotetorp. We konden flink doorwerken zodat de hele zaak maandagmiddag gefrotteerd en dinsdag ingeschilderd was. We hadden mooie figuren, natuurlijk veel boten, mensen en dieren. De twee mensen rechts boven hadden we in mei gevonden. Ze waren moeilijk om goed in te schilderen want ze waren in de verwering bijna niet meer te zien. Een aantal boten hebben bronsbijlen en luren. Een dier heeft een mooi gewei en een ander werd door ons “het schaap met 5 poten” genoemd. Sommige boten zijn niet afgemaakt, maar je kunt zien hoe ze hadden moeten worden door de “pickhuggning” die men blijkbaar in de Bronstijd aanbracht om de vorm te bepalen.
 

 

 

Het “schaap met 5 poten”en de boot die niet afgemaakt was.

    Andere groepen hadden minder geluk met hun rots, deels omdat ze groter waren, maar vooral omdat het een gevecht was met het water dat er overheen stroomde. Op T 356, de rots met de acrobaat, zaten tijdens het frotteren twee mensen boven de rots om het steeds terugkomende water met handdoeken op te vangen. De natte broek van An spreekt boekdelen.

 

T 359, met het “barende vrouwtje”.

    Het “barende vrouwtje” van T 359 kon ingeschilderd worden ondanks de waterloop die er vlak langs liep. Naast het vrouwtje is nog een been en een voet te zien. Het zal dus de bedoeling zijn geweest om nog een vrouw te maken, waar ze toen niet meer aan toe zijn gekomen. De grootste verrassing kwam echter bij de bestudering van de frottages toen Ellen nog een vrouw in de verwering vond. Een zeer bijzondere nieuwe vondst.
                      

 

 

Rechts de nieuwe vondst. Een been is in de verwering niet meer terug te vinden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Nieuw mannetje op

T106

    

 

    Iets dergelijks overkwam onze groep toen we woensdagochtend een klein rotsje, T 106, in Litsleby documenteerden. Na het inschilderen hebben we de rots meteen afgedekt omdat het begon te regenen. Bij de bestudering van de frottages zag ik opeens naast de boten een mannetje. Vrijdagochtend was het weer droog en heb ik het mannetje er nog bij ingeschilderd.

 

 

Alle rotsen werden nog net voor de regen van woensdagmiddag zorgvuldig met plasticfolie afgedekt zodat we toch zaterdagochtend konden kijken wat de verschillende groepen hadden gedaan. Mooie foto’s waren toen niet mogelijk, want de regen kroop toch ook onder het plastic.

 

 

Het verregende netfiguur van T 361.

We zijn niet klaar in Sotetorp en zullen in 2010 verder moeten gaan. Daar zal niemand iets tegen hebben want het is een schitterende locatie.

T 361 wordt bekeken.

    Dit jaar is het 100 jaar geleden dat Unesco werd opgericht. Bovendien is het dit jaar 30 jaar geleden dat de rotsgravures van Val Camonica opgenomen werden op de Wereld Erfgoedlijst. Reden genoeg om een van de archeologen van Val Camonica, Alberto Marretta, uit te nodigen om een lezing te houden over de rotsgravures van Italië. Natuurlijk maakte hij ook van de gelegenheid gebruik om onze documentatie techniek beter te leren kennen. Een deel van de lezingen stond in het teken van dit dubbele jubileum. Sinds enkele jaren zijn Tanumshede en Capo di Ponte namelijk zogenoemde vriendschapssteden.


    Dit jaar was ook de publieke belangstelling groter dan anders. Zowel in Strömstadstidningen als in Bohusläningen heeft een artikel gestaan over het Arbetsseminar en de Zweedse lokale radio heeft een 10 minuten durende documentaire uitgezonden met interviews van Gerhard Milstreu, Anne Cole en Ellen Meijer.


    Ondanks dat het een van Zwedens slechtste en vooral natste zomers van de afgelopen 50 jaar is geweest, kunnen we toch met tevredenheid terugkijken. Ruim 60% van de rotsen die we voor ogen hadden te documenteren, zijn gedaan. Bovendien zijn er een paar spectaculaire nieuwe vondsten gedaan. Behalve de "derde vrouw" op Sotetorp en het mannetje in Litsleby, hebben we in Krokholmen op een rots waar 2 cirkelkruizen bekend waren, in totaal 9 cirkelkruizen gevonden die min of meer in een rozet-vorm staan afgebeeld. Een dergelijke situatie hebben we nog niet eerder gezien in Bohuslän. De rots is helaas zo verweerd en volgegroeid met hardnekkig korstmos, dat we moesten besluiten hem voor tenminste een jaar volledig af te dekken. Datzelfde is gedaan met nog een kleine rots in Krokholmen waar we tussen de mossen en algen een mensfiguur vonden die nog niet bekend was. Er liggen dus nog een paar prachtige en spectaculaire rotsen op ons te wachten.

    Het was een fantastische week en, ja heus, er hebben zich nu al mensen aangemeld voor volgend jaar! Heeft u ook interesse? Voor vrijblijvende informatie kunt u terecht op info.

 

    Med vänlig hälsning!
    Jurri Jurriaanse